Return to site

De innerlijke worsteling van 
Frénk van der Linden

Rond de veertigste minuut openbaart zich de intimiteit die we hopen te vinden in het donker.

We hebben het gehad over de wetten van een goed interview, de macht en onmacht van de journalist, zijn omstreden portret van Aboutaleb. Maar nu krijgt het gesprek een persoonlijker karakter. Frénk vertelt over zijn minderwaardigheidscomplex: “Bij elk verhaal dat ik inlever, elke uitzending die ik maak, is na afloop de eerste gedachte: nu belt de eindredacteur en die zegt: ‘Frénk, dit was niks, de vorige 5000 waren ook niks, en we hebben geen grote verwachtingen van de toekomst. Dus’.”

 

Hij gaat verder: “Achter al mijn blabla en schreeuwerigheid zit een heel klein jongetje dat het gevoel heeft: ik deug niet, ik breng niets voort, mijn moeder had gelijk dat ze wegliep, en zo voort. Ik denk de laatste tijd vaak: ik heb de leukste vrouw van de wereld gevonden. En ik denk er meteen achteraan: hoe kan het in godsnaam dat zij van mij houdt? Ik vind mezelf een enorme patser dat het me is gelukt. En tegelijkertijd een enorme minkukel, want: wedden dat ze me morgen verlaat. Die beide kanten zijn er en lopen dwars door elkaar. Dat gaat nooit over.”

We praten verder, over angst, onvoorwaardelijkheid en economie in relatie tot de liefde. We komen weer terug bij ‘zakelijker’ onderwerpen als controle, scoringsdrift en openheid. Maar de sfeer van intimiteit blijft. 

“Het donker verdiept wel, ja”, zegt Frénk als ons uur ten einde loopt. “Ik betwijfel of ik zo emotioneel zou zijn geworden in het licht. Plus: als je in die laag komt, kun je er ook niet zomaar weer uit. Dat werkt door in alles wat je daarna nog zegt. Ook als dat niet emotioneel beladen is.”

Tijd om te stoppen. Hoe maken we de overgang van donker terug naar licht? Piet en ik hebben daar vooraf uitvoerig bij stilgestaan en besloten dat we Frénk naar de deur leiden en zelf achterblijven in de ruimte. Niet meteen een nagesprek en over tot de orde van de dag.

Frénk is daar blij mee. Hij zegt: “Onbedoeld ga je in het donker over tot een zeker exhibitionisme. Ik zou me nu in het licht tegenover jullie een beetje naakt voelen.” We geven elkaar een hand en Frénk verdwijnt in de spelonken van de Stadsschouwburg.

Missie geslaagd? We hebben alle drie sterk het idee dat we in het donker een grotere openheid en diepgang konden bereiken dan in het licht. De techniek werkt. Maar wat doe je met de opbrengst?
 

Persoonlijke ontboezemingen en diepgang zijn niet per se hetzelfde. En niet elke persoonlijke uitspraak leent zich automatisch voor het publieke domein. Is het voor lezers relevant dat meesterinterviewer en publicist Frénk van der Linden vaak geplaagd wordt door angst door de mand te vallen? Moeten we kennis nemen van wat hij beschouwt als de moeilijkste kwesties in zijn leven?

Eerder in het gesprek zegt Frénk dat de journalist die zoekt naar de persoonlijke motieven van zijn gesprekspartners, ook zelf met de billen bloot moet durven gaan. Daarnaast maakt hij (onderdelen van) zijn persoonlijke leven onderdeel van zijn werk, zoals in de documentaire ‘Verloren band', over de veertig jaar durende koude oorlog tussen zijn ouders na hun scheiding. Hij voert zichzelf vaak nadrukkelijk op, zoals in het portret van Aboutaleb. Toch besluiten we in goed overleg de ‘te’ persoonlijke passages niet te plaatsen, uit respect voor mensen om Frénk heen.

Jammer, maar niet getreurd. Op naar het Interview In het donker als onderdeel van het Grote Interview Gala op woensdag 9 maart in de Stadsschouwburg in Amsterdam. Kom met topjournalisten praten over macht en verantwoordelijkheid. Aan tafeltjes of in speciaal daarvoor ingerichte 'dark rooms'. Meer informatie vind je hier.

Eduard van Holst Pellekaan

All Posts
×

Almost done…

We just sent you an email. Please click the link in the email to confirm your subscription!

OK